Juli: Onkruid als indicator
Hoe het met de voedingstoestand van de grond werkelijk
gesteld is, kan met een eenvoudig bodemtestje worden bepaald.
Toch kun je ook veel
te weten komen over de grondsamenstelling door te kijken welke soort onkruid er
groeit. Door toevoeging of juist weglating van bemesting verdwijnen bepaalde onkruidsoorten
vanzelf, waardoor het overbodig is om bestrijdingsmiddelen in te zetten. Zomaar
een greep uit de groep onkruiden die op deze manier kunnen worden gebruikt als indicator:
- Muur/vogelkers: groeit op rijke, zure grond met een goede
structuur. Door te bekalken en de stikstofbemesting wat omlaag te brengen, zal dit
onkruid sterk afnemen.
- Brandnetels: groeien graag op grond, die vooral in de bovenlaag
veel stikstof bevat en kunnen dus een indicator zijn om de stikstofbemesting wat
naar beneden te brengen.
- Russen: groeien op natte en dichtgeslagen grond. Door de
drainage te verbeteren en met een zanderige compost wat lucht in de grond te brengen,
zullen de russen het minder naar hun zin hebben.
- Schapenzuring: komt voor op arme en zure (zand)grond. Bemesting
en eventueel bekalking, maar vooral het toevoegen van humus in de vorm van compost
of bladaarde, kan hier verbetering brengen. Wanneer in de tuin alleen maar zuurminnende
planten staan, moet uiteraard géén kalk worden toegevoegd.
- Zevenblad: de plaag van elke tuinier, heeft een voorkeur
voor een rulle bovenlaag van de grond,
zoals wij die eigenlijk zo graag zien in
onze tuin. Zevenblad heeft licht nodig. Door het onkruid een tijdje af te dekken
met zwart plastic, met daaroverheen een laag grond, zal het op den duur verdwijnen.
Soms wordt het zevenblad verdrongen, als er een jaar aardappelen worden geteeld
op de grond.
- Muurpeper: groeit op dichtgeslagen en droge grond. Compost
brengt lucht in de grond en zal de vochthoudendheid in de bovenlaag verbeteren.
- Wikke: groeit op stikstofrijke grond. Door de stikstofbemesting
wat te verminderen, zal dit onkruid het minder naar zijn zin hebben.
- Heermoes (paardestaart): groeit op natte, zure en dichtgeslagen
grond met een slechte structuur. Door goede bemesting, bekalking en beluchting van
de grond zal dit onkruid op den duur verdwijnen.
- Zuring: duidt op kalkgebrek. Eventueel bekalken (niet als
er zuurminnende planten in de tuin staan) en compost strooien.
- Weegbree: groeit vooral op vochtige, slecht doorlatende
bodem. Door de drainage en structuur van de grond te verbeteren, zal weegbree het
vanzelf minder goed naar zijn zin krijgen.
Onkruid is helaas over het algemeen veel sterker dan de
gekweekte cultivars die wij in onze tuin aanplanten en kan dus hevige concurrentie
betekenen voor jonge aanplant. Regelmatig uittrekken en schoffelen
zorgt ervoor dat het onkruid niet al het beschikbare voedsel wegneemt, zodat de bodem bedekt
raakt met de planten die wij graag in de tuin zien en er weinig ruimte is voor onkruid.
Eerder gepubliceerde tuintips:
Februari: Het Gazon na de Winter
Maart: Voorjaarsbemesting
April: De tuin komt nu echt tot leven
Mei: Kuipplanten, onkruid en de bemesting van bloembollen
Juni: Bemesting in juni